28/04/26

Oscar Delghustprijs 2025

(foto Oscar Delghust: Archief Ronse)

Zondag werd in Ronse de 15e Oscar Delghustprijs uitgereikt. Dat is een vijfjaarlijkse prijs van de stad Ronse, ter waarde van 2500 euro, die wordt toegekend aan verdienstelijke historische studie over de geschiedenis van de stad Ronse en omgeving. De prijs is vernoemd naar één van de pioniers van de studie van de stadsgeschiedenis, dokter-historicus Oscar Delghust (naar wie ook een Ronsese straat vernoemd is).

Voorafgaand aan de prijsuitreiking was er een lezing door Ruben Pede, de archeoloog werkzaam bij Solva. Hij leidde de archeologische opgravingen n.a.v. de verbouwing van het stadhuis. Deze opgravingen werden net beëindigd. Voor volledige conclusies mag het dan nog te vroeg zijn, hij gaf al enkele krachtlijnen mee die uit de opgravingen naar voor komen, zeker in de context van reeds eerder verrichte archeologische opgravingen in het centrum van Ronse. Het werd een boeiende uiteenzetting waarin niet alleen duiding werd gegeven bij wat gevonden werd, maar ook interessante hypothesen opgeworpen werden voor verdere studie en onderzoek, vooral met betrekking tot de volmiddeleeuwse geschiedenis van Ronse. De laatmiddeleeuwse geschiedenis kan immers al behoorlijk goed in kaart gebracht worden als het gaat over hoe er in het centrum van Ronse gewoon werd, maar de periode vóór de 12e eeuw roept voorlopig nog meer vragen op dan dat ze antwoorden heeft prijsgegeven.


De Oscar Delghustprijs ging dit jaar naar historicus Nico Wouters, die de zaak Vindevogel onder de loep nam. Deze zaak is een erg beladen onderwerp in Ronse, waarover hij met een meer afstandelijke en objectieve blik zijn licht liet schijnen. Leo Vindevogel was de oorlogsburgemeester van Ronse in WO II en werd erna veroordeeld tot de doodstraf wegens collaboratie en geëxcuteerd, waarmee hij het enige Belgische parlementslid is dat effectief de doodstraf kreeg voor zijn rol onder de Duitse bezetting.
We citeren uit het juryrapport:

“Door feiten en herinneringscultuur tegenover elkaar te plaatsen, ontleedt de auteur zorgvuldig hoe een complex web van emoties, bronnenproblemen en jarenlange polemiek de zaak‑Vindevogel heeft gevormd, en reikt hij een genuanceerd, historisch onderbouwd tegengewicht aan voor decennialange mispercepties.”

“Geen sinecure voor een gepolitiseerde zaak waarover er al zoveel inkt is gevloeid. De werkelijkheid blijkt -zoals zo vaak- niet zwart-wit te zijn.”

“In wezen een meta-studie van vele decennia historisch onderzoek en polemiek.”

(bron: website stad Ronse

Nico Wouters, directeur van CegeSoma – Studiecentrum Oorlog en Maatschappij, ontving de prijs voor zijn artikel in het Belgische Tijdschrift voor Nieuwste Geschiedenis, dat je hier (pdf) kan lezen.

23/04/26

Louise Héger

(bron: Eline Sciot "J'ai soif d"un grand ciel", 2010)


Afgelopen dinsdag organiseerden de bib van Ronse, de Geschiedkundige Kring van Ronse en de kunstacademie een eerste van twee lezingen n.a.v. Erfgoeddag. 
Kunsthistorica Eline Sciot (momenteel werkzaam in het Afrikamuseum in Tervuren) liet haar licht schijnen over de vrouwelijke Brusselse landschapsschilder Louise Héger. Onder de titel J'ai soif d'un grand ciel belichtte ze haar werk en leven aan de hand van het brievenarchief dat het Museum voor Schone Kunsten in Gent beheert. Behalve de levensloop en werken van Héger, kwamen de persoonlijke én maatschappelijke context waarin ze eind negentiende en vooral begin twintigste eeuw schilderde, aan bod. Er was niet alleen de reeds bekende barrière waar vrouwelijke kunstenaars, die pas recent meer aandacht beginnen te krijgen, mee worstelden: weinig scholingsmogelijkheden, weinig expositiekansen, weinig aandacht en door mannen vaak in een hoekje van "amateurisme" geduwd. Ze had als ongetrouwde vrouw ook een reputatie als eerbare vrouw hoog te houden, wat ervoor zorgde dat ze lange tijd steeds een man als chaperone nodig had om te gaan schilderen (in open lucht, zoals toen voor landschapsschilders de gewoonte werd). Ook bezoeken aan mannelijke collega's en hun ateliers waren niet evident. 
De kunsthistorica slaagde er in deze lezing goed in om een beeld te schetsen van die maatschappelijke context (naast persoonlijke factoren die een invloed hadden op de carrière van Louise Héger) en dat vormt ongetwijfeld een mooie instap voor het verhaal dat de tweede lezing, volgende donderdag, zal brengen.

 Route des pêcheurs à Coxyde
(Bron: Collectie NAVIGO Visserijmuseum)

 

Op donderdag 30 april zal Pieter-Jan Lachaert het artistieke parcours van de Ronsese Elisa Maréchalle belichten. Ook deze lezing is gratis, je dient wel vooraf in te schrijven. Alle informatie vind je hier